Vragen met betrekking tot de Thora   

 

Vraag

Geloven jullie dat een mens gered kan worden door het naleven van de Thora?

 

Antwoord

Nee, wij geloven uitsluitend dat een mens door de Eeuwige aanvaard wordt, indien hij de Allerhoogste op een berouwvolle wijze aanroept.

 

Exodus 2:23-24

23 En het geschiedde na vele dezer dagen, als de koning van Egypte gestorven was, dat de kinderen Israëls zuchtten en schreeuwden over den dienst; en hun gekrijt over hun dienst kwam op tot God. 24 En God hoorde hun gekerm, en God gedacht aan Zijn verbond met Avraham, met Yitzchak en met Yaakov (Abraham, Izak, en Jakob).

 

We zien hier dus, dat het in de Thora al staat opgetekend, dat een mens vanuit geloof en berouw gered wordt en dus zeker niet, door het “naleven van wetten en regels”.

Wij houden de Thora niet om gered te worden, maar omdat we de volledige zekerheid hebben, dat we gered zullen worden, op basis van ons geloof.

 

Vraag

Waarom is de Thora dan zo belangrijk voor jullie?

 

Antwoord

Puur omdat we de Allerhoogste liefhebben en omdat Hij de mens liefheeft.

Ook biedt de Allerhoogste in de Thora instructies, voor een gezonde relatie tussen mens en God. Maar tegelijkertijd, staan er ook instructies beschreven, voor de relaties tussen mensen onderling. Tevens wordt hierin de wil van de Allerhoogste zeer nauwgezet omschreven. Zodoende is de Thora, de absolute basis voor een godvruchtige leefstijl, welke wij daarom graag observeren en naar eer en geweten, willen toepassen. Het is de absolute handleiding, voor een lang, gezond en gelukkig leven.

 

Deuteronomium 4:1-2

1 Nu dan, Israël! Hoor naar de inzettingen en naar de rechten, die ik ulieden lere te doen; opdat gij leeft, en henen inkomt, en erft het land, dat de Eeuwige, uwer vaderen God, u geeft. 2 Gij zult tot dit woord, dat ik u gebiede, niet toedoen, ook daarvan niet afdoen; opdat gij bewaart de geboden van de Eeuwige, uw God, die ik u gebiede.

 

Deuteronomium 6:1-5

1 Dit zijn dan de geboden, de inzettingen en de rechten, die de Eeuwige, uw God, geboden heeft om u te leren; opdat gij ze doet in het land, naar hetwelk gij heentrekt, om dat erfelijk te bezitten; 2 Opdat gij den Eeuwige, uw God, vrezet, om te houden al Zijn inzettingen, en Zijn geboden, die ik u gebiede; gij, en uw kind, en kindskind, al de dagen uws levens; en opdat uw dagen verlengd worden. 3 Hoor dan, Israël! En neem waar, dat gij ze doet, opdat het u welga, en opdat gij zeer vermenigvuldigdet (gelijk als u de Eeuwige, uwer vaderen God, gesproken heeft) in het land, dat van melk en honig is vloeiende. 4 Hoor, Israël! De Eeuwige, onze God, is de enige Eeuwige! 5 Zo zult gij den Eeuwige, uw God, liefhebben, met uw ganse hart, en met uw ganse ziel, en met al uw vermogen.

 

 

Vraag

Stenigen jullie mensen? Dit is toch wat de Thora voorschrijft?

 

Antwoord 

Nee, dat is een grote christelijke misvatting. Dit soort vragen stellen alleen mensen, die nooit de tijd hebben genomen, om de Thora serieus te bestuderen. Deze onwetendheid, is te wijten aan het feit, dat mensen gewoon niets in context lezen. Vaak zijn dit christenen die slechts uitgaan van aannames, op basis van een losse Bijbeltekst.

We lezen in Exodus 18:13-27, dat er oversten moesten worden aangesteld, om diverse zaken te onderzoeken. Deuteronomium 16 en 17 leert ons, dat er zelfs een complete rechtbank moest worden ingesteld, om diverse, zware straffen uit te voeren.

Juist omdat deze rechtbank niet aanwezig is en de rechterlijke macht in Nederland, niet op de Thora is georiënteerd, is het dus ook niet mogelijk om deze straffen conform de Thora, uit te voeren.

De strafmaat in de Thora, zoals steniging en stokslagen, zijn dus geschreven in een juridische context, waarbij een rechtbank aanwezig is. Het is dus geen individuele actie, vanuit wraak jegens de medemens.

 

Wie meer over deze materie wil kunnen begrijpen, raden wij van harte aan om het volgende stuk te lezen:

Deuteronomium, De handleiding voor de relatie tussen mens en God, hoofdstuk 20, blz 265, Christopher Cage

 

 

Vraag 

Hoe kijken jullie naar het belang van het Levitische priesterschap?

 

Antwoord 

Het Levitische priesterschap, heeft zichzelf opgeheven, zoals voorzegt wordt in de Thora.

 

Dit was toendertijd natuurlijk niet de bedoeling, maar de Eeuwige waarschuwde nadrukkelijk, dat als er diverse vergrijpen gepleegd werden, een Levitische hogepriester zal sterven.

 

Leviticus 10:6-11

6 En Moshe (Mozes) zeide tot Aharon (Aäron), en tot Eleázar, en tot Ithamar, zijn zonen: Gij zult uw hoofden niet ontbloten, noch uw klederen verscheuren, opdat gij niet sterft, en grote toorn over de ganse vergadering kome; maar uw broederen, het ganse huis van Israël, zullen dezen brand, dien de Eeuwige aan gestoken heeft, bewenen. 7 Gij zult ook uit de deur van de tent der samenkomst niet uitgaan, opdat gij niet sterft; want de zalfolie van de Eeuwige is op u. En zij deden naar het woord van Moshe. 8 En de Eeuwige sprak tot Aharon, zeggende: 9 Wijn en sterken drank zult gij niet drinken, gij, noch uw zonen met u, als gij gaan zult in de tent der samenkomst, opdat gij niet sterft; het zij een eeuwige inzetting onder uw geslachten; 10 En om onderscheid te maken tussen het heilige en tussen het onheilige, en tussen het onreine en tussen het reine; 11 En om den kinderen Israëls te leren al de inzettingen, die de Eeuwige door den dienst van Moshe tot hen gesproken heeft.

 

 

Leviticus 21:10

En hij, die de hogepriester onder zijn broederen is, op wiens hoofd de zalfolie gegoten is, en wiens hand men gevuld heeft, om die klederen aan te trekken, zal zijn hoofd niet ontbloten, noch zijn klederen scheuren.

 

In de tijd van Yeshua, was Yochanan (Johannes de Doper), de man die officieel de Levitische hogepriester behoorde te zijn. Hij was namelijk een directe nakomeling van Aharon, in de lijn van Abia. Zie 1 Kronieken 24:1-10 en Lucas 1:5-13. 

Echter kon hij deze functie niet bekleden, omdat er een corrupt systeem was opgezet, door de farizeeën.

Later is Johannes te Doper onthoofd door Herodes en kon toen zeker geen hogepriester meer zijn. Kajafas was door de beleidsmakers, echter aangesteld als hogepriester. Maar omdat deze in het openbaar zijn klederen scheurde, was het hogepriesterschap van Levi, voor alle ogen van het Joodse volk, volledig beëindigd.

 

Mattheüs 26:65-67

65 Toen verscheurde de hogepriester zijn klederen, zeggende: Hij heeft God gelasterd, wat hebben wij nog getuigen van node? Ziet, nu hebt gij Zijn godslastering gehoord. 66 Wat dunkt ulieden? En zij, antwoordende, zeiden: Hij is des doods schuldig. 67 Toen spogen zij in Zijn aangezicht, en sloegen Hem met vuisten.

 

Omdat Kajafas deze enorme fout maakte, ging het hogepriesterschap dus direct over op de orde van Malkitsedek (Melchizedek), hetgeen al reeds bestond sinds de oude tijden.

Om deze reden geloven wij, dat Yeshua de Hogepriester is, in de orde van Malkitsedek. Omdat Hij zonder zonde was, voldeed Hij de offers met zijn Eigen bloed. Zodoende zijn de Levitische offers niet meer van toepassing, omdat het ultieme Pesachlam geofferd is, zoals er in de Thora voorzegt wordt, vanuit een dieper Hebreeuws perspectief.

 

Het Avondmaal van Yeshua, hoofdstuk 2, blz 23, Christopher Cage

 

Vraag 

Volgen jullie de Talmoedische leerstellingen om de Thora te kunnen naleven?

 

Antwoord 

Nee, wij bestuderen de Thora zonder enige invloed van Talmoedische leerstellingen. Wij spannen ons dagelijks in, om de Thora op een zelfstandige wijze te bestuderen en te praktiseren. Tot nu toe heeft geen enkel menselijk dogma hieraan bijgedragen.

 

 

Vraag

Geloven jullie dan dat alle leerstellingen, welke niet op de Thora zijn gebaseerd, allemaal slecht zijn?!

 

Antwoord

Dat hebben we nooit gezegd. We benadrukken alleen ten stelligste, dat de Thora de meest zuivere richtlijn is, voor de vormgeving van het dagelijks leven.

Bovendien moeten we ons niet afvragen of alles buiten de Thora slecht is. Nee, de joden en christenen moeten zich langzamerhand eens gaan afvragen, wat er in de Bijbel als GOED beschreven wordt. Dan komen we al vlug tot de conclusie, dat Gods geboden, inzettingen en rechten, oftewel de volmaakte Thora, als het enige GOEDE beschreven wordt.

 

Deuteronomium 6:17-18

17 Gij zult de geboden van de Eeuwige, uws Gods, vlijtig houden, mitsgaders Zijn getuigenissen, en Zijn inzettingen, die Hij u geboden heeft. 18 En gij zult doen, wat recht en GOED is in de ogen van de Eeuwige; opdat het u welga, en dat gij inkomt, en erft het GOEDE land, dat de Eeuwige uw vaderen gezworen heeft;

 

Door het naleven van deze Thora, zullen we net als de Israëlieten in onze persoonlijke bestemming leren wandelen en sterke geestelijke groei ontwikkelen:

 

Deuteronomium 6:19-25

19 Om al uw vijanden voor uw aangezicht te verdrijven, gelijk als de Eeuwige gesproken heeft. 20 Wanneer uw zoon u morgen zal vragen, zeggende: Wat zijn dat voor getuigenissen, en inzettingen, en rechten, die de Eeuwige, onze God, ulieden geboden heeft? 21 Zo zult gij tot uw zoon zeggen: Wij waren dienstknechten van Faraö in Egypte; maar de Eeuwige heeft ons door een sterke hand uit Egypte uitgevoerd. 22 En de Eeuwige gaf tekenen, en grote en kwade wonderen, in Egypte, aan Faraö en aan zijn ganse huis, voor onze ogen; 23 En hij voerde ons van daar uit, opdat Hij ons inbracht, om ons het land te geven, dat Hij onzen vaderen gezworen had. 24 En de Eeuwige gebood ons te doen al deze inzettingen, om te vrezen den Eeuwige, onzen God, ons voor altoos ten goede, om ons in het leven te behouden, gelijk het te dezen dage is. 25 En het zal ons gerechtigheid zijn, als wij zullen waarnemen te doen al deze geboden, voor het aangezicht van de Eeuwige, onzes Gods, gelijk Hij ons geboden heeft.