Mozes schreef geen mondelinge wet
Steevast wordt er vanuit het orthodoxe Jodendom beweerd dat er twee Thora's zijn, de geschreven Thora en daarnaast de Mondelinge Thora. Ook in veel Messiaanse kringen wordt deze Mondelinge Thora gezien als waarheidsgetrouw.
Hoe je ook over de Mondelinge Thora denkt, er is één misvatting die ik hier graag wil bespreken en dat is dat Moshe (Mozes) de Mondelinge Thora geschreven zou hebben. In deze studie ga ik aantonen dat Moshe het vrijwel zeker niet heeft opgetekend en ook niets anders heeft doorgegeven dan de enige geschreven Thora.
Als er een boek is waarin staat wat Moshe mondeling sprak, opschreef en doorgaf, dan is dat het boek Deuteronomium.
Deuteronomium 1:1
Dit zijn de woorden, die Moshe tot gans Israël gesproken heeft, aan deze zijde van de Jordaan, in de woestijn, op het vlakke veld tegenover Suf, tussen Paran en tussen Tofel, en Laban, en Hazeroth, en Dizahab.
Als Deuteronomium de woorden van Moshe zijn, waarom is de Mondelinge Thora daar dan niet bij inbegrepen? Was het niet belangrijk genoeg of heeft Moshe het simpelweg niet geschreven? Één ding is zeker: Moshe onderwees geen onbelangrijke zaken.
Deuteronomium 4:1-2
1 Nu dan, Israël! hoor naar de inzettingen en naar de rechten, die ik ulieden lere te doen; opdat gij leeft, en henen inkomt, en erft het land, dat de Eeuwige, uwer vaderen God, u geeft. 2 Gij zult tot dit woord, dat ik u gebiede, niet toedoen, ook daarvan niet afdoen; opdat gij bewaart de geboden van de Eeuwige, uw God, die ik u gebiede.
Het woord dat Moshe gebood, omvat de geboden, inzettingen en rechten die in de geschreven Thora staan. Indien er dan belangrijke mondelinge toelichting moest worden doorgegeven, waarom gebiedt hij dan dat niets mag worden toegevoegd of afgedaan?
Er wordt in diverse Joodse en ook Joods-Messiaanse kringen ook wel eens beweerd dat Moshe de Mondelinge Thora "mondeling" heeft doorgegeven en dat het volk Israël dit aan hun kinderen en kleinkinderen heeft doorgegeven.
Als dat werkelijk zo is, waarom lezen we dan in de Bijbel dat zowel Israël als Juda keer op keer afdwaalden en zelfs vervielen in afgoderij?
Waarom lezen we dat Israël en Juda in ballingschap zijn weggevoerd als gevolg van deze wetteloosheid?
Zou dit zijn omdat ze de "Mondelinge Thora van Moshe" zo zorgvuldig van geslacht tot geslacht hebben doorgegeven?
Zowel het onderwijs van Moshe uit Deuteronomium als de fictieve "Mondelinge Thora" is door het volk verworpen, omdat zij zich vergrepen aan de valse geesten die de afgoderij met zich meebracht.
De Eeuwige heeft de uitkomst van deze ongehoorzaamheid namelijk vooraf vastgelegd, en Hij heeft dat gedaan in de geschreven Thora. Wie wil weten waarom de ballingschap kwam, hoeft niet te zoeken in een overlevering die niemand kan tonen. Het staat geschreven, zwart op wit, in Leviticus 26 en in Deuteronomium 28. Deze twee Schriftgedeelten beschrijven met angstaanjagende nauwkeurigheid wat er zou gebeuren wanneer het volk zich zou afkeren. Laten we deze stukken vooral lezen als een bewijsstuk en niet als een dreigement, want de geschiedenis die daarna volgde, loopt woord voor woord met deze hoofdstukken mee.
Het eerste hoofdstuk staat aan het slot van Leviticus. Daar richt de Eeuwige zich tot het volk dat nog aan de voet van de berg staat, ver voor de intocht, en Hij zet zegen en vloek naast elkaar. De vloek begint niet bij het verwaarlozen van een overgeleverde uitleg maar bij het verwerpen van Zijn geboden en Zijn inzettingen.
Leviticus 26:14-16
14 Maar indien gij Mij niet zult horen, en al deze geboden niet zult doen; 15 En zo gij Mijn inzettingen zult smadelijk verwerpen, en zo uw ziel van Mijn rechten zal walgen, dat gij niet doet al Mijn geboden, om Mijn verbond te vernietigen; 16 Dit zal Ik u ook doen, dat Ik over u stellen zal verschrikking, tering en koorts, die de ogen verteren en de ziel pijnigen; gij zult ook uw zaad tevergeefs zaaien, en uw vijanden zullen dat opeten.
Verderop in datzelfde hoofdstuk wordt het lot benoemd dat Israël eeuwen later daadwerkelijk zou treffen. Het land zou leeg achterblijven en het volk zou worden uitgestrooid over de volken. Wie de Babylonische ballingschap en de verstrooiing wil verklaren, vindt hier de verklaring die de Eeuwige zelf heeft gegeven.
Eén ding is zeker: deze tragedie kwam niet tot stand omdat ze de woorden van Moshe zo nauwgezet in hun hart bewaarden en er met elkaar over spraken, bij hun liggen, hun opstaan en onderweg zijn (Deuteronomium 6:1-7).
Leviticus 26:32-33
32 Ja, Ik zal dat land verwoesten; dat uw vijanden, die daarin zullen wonen, zich daarover ontzetten zullen. 33 Daartoe zal Ik u onder de heidenen verstrooien; en Ik zal een zwaard achter u uittrekken; en uw land zal woest, en uw steden zullen een woestijn zijn.
De tweede verklaring voor de verstrooiing staat in Deuteronomium, in het boek dat de woorden van Moshe bevat. Moshe herhaalt daar de tweedeling en hij laat er geen misverstand over bestaan waaraan de vloek verbonden is. Niet aan een geheime toelichting en niet aan een uitleg die buiten de Schrift om zou zijn overgeleverd, maar aan de geboden en inzettingen die hij die dag zelf gebood.
Deuteronomium 28:15
15 Daarentegen zal het geschieden, indien gij de stem van de Eeuwige, uws Gods, niet zult gehoorzaam zijn, om waar te nemen, dat gij houdt al Zijn geboden en Zijn inzettingen, die ik u heden gebiede; zo zullen al deze vloeken over u komen, en u treffen.
Wat daarop volgt, is de nauwkeurigste beschrijving van de verstrooiing die de Thora kent. Israël zou worden uitgezaaid over de gehele aarde en nergens rust vinden. Dat is precies wat er is gebeurd, en het is gebeurd omdat het volk zich niet heeft gehouden aan wat er geschreven stond.
Deuteronomium 28:64-65
64 En de Eeuwige zal u verstrooien onder alle volken, van het ene einde der aarde tot aan het andere einde der aarde; en aldaar zult gij andere goden dienen, die gij niet gekend hebt, noch uw vaderen, hout en steen. 65 Daartoe zult gij onder diezelve volken niet stil zijn, en uw voetzool zal geen rust hebben; want de Eeuwige zal u aldaar een bevend hart geven, en bezwijking der ogen, en mattigheid der ziel.
En dan valt in ditzelfde hoofdstuk de zin die het hele vraagstuk beslecht. Moshe zegt waaraan het volk zich had moeten houden, en hij wijst daarbij niet naar een mondelinge overlevering maar naar het belangrijkste boek dat er ooit is samengesteld:
Deuteronomium 28:58-59
58 Indien gij niet zult waarnemen te doen al de woorden dezer Thora, die in dit boek geschreven zijn, om te vrezen dezen heerlijken en vreselijken Naam, den Eeuwige, uw God; 59 Zo zal de Eeuwige uw plagen wonderlijk maken, mitsgaders de plagen van uw zaad; het zullen grote en gewisse plagen, en boze en gewisse krankten zijn.
Hier is geen speld tussen te krijgen. De vloek hangt aan de woorden die in dit boek geschreven zijn. Wanneer er naast dat boek een mondelinge overlevering had bestaan die net zo bindend was, dan had Moshe die op deze plaats onmogelijk kunnen overslaan. Hij noemt haar niet, omdat zij er niet was. En zo is het oordeel dat over Israël kwam tegelijk het bewijs geworden dat het geschreven woord het enige woord was dat gold.
Ik ben er persoonlijk sterk van overtuigd dat de Babylonische ballingschap en de verstrooiing
NOOIT ZOUDEN HEBBEN PLAATSGEVONDEN
als het volk Israël zich werkelijk aan de woorden van Moshe had gehouden.
De beschrijvingen van de zegen en de vloek zijn niet de enige Schriftgedeelten die bewijzen dat de mondelinge leer nooit kan zijn overgeleverd. Uit de volgende teksten zal blijken dat dergelijke mondelinge kwesties omtrent het Pesach- en Loofhuttenfeest niet zijn doorgegeven sinds de tijd van Yehoshua (Jozua) en Shmuel (Samuël).
2 Kronieken 35:16-18
16 Alzo werd de ganse dienst van de Eeuwige op denzelfden dag beschikt, om pascha te houden, en brandofferen op het altaar van de Eeuwige te offeren, naar het gebod van den koning Yoshiyahu (Josia). 17 En de kinderen Israëls, die er gevonden werden, hielden het pascha ter zelfder tijd, en het feest der ongezuurde broden, zeven dagen. 18 Daar was ook geen pascha als dat in Israël gehouden, van de dagen van Shmuel, den profeet, af; en geen koningen van Israël hadden zulk een pascha gehouden, gelijk dat Yoshiyahu hield met de priesters en de Levieten, en gans Juda en Israël, dat er gevonden werd, en de inwoners van Jeruzalem.
Nehemia 8:14-19
14 En des anderen daags verzamelden zich de hoofden der vaderen van het ganse volk, de priesters en de Levieten, tot Ezra, den schriftgeleerde, en dat, om verstand te bekomen in de woorden der Thora. 15 En zij vonden in de Thora geschreven, dat de Eeuwige door de hand van Moshe geboden had, dat de kinderen Israëls in loofhutten zouden wonen, op het feest in de zevende maand; 16 En dat zij het zouden luidbaar maken, en een stem laten doorgaan door al hun steden, en te Jeruzalem, zeggende: Gaat uit op het gebergte, en haalt takken van olijfbomen, en takken van andere olieachtige bomen, en takken van mirtebomen, en takken van palmbomen, en takken van andere dichte bomen, om loofhutten te maken, als er geschreven is. 17 Alzo ging het volk uit en haalden ze, en maakten zich loofhutten, een iegelijk op zijn dak, en in hun voorhoven, en in de voorhoven van Gods huis, en op de straat der Waterpoort, en op de straat van Efraïmspoort. 18 En de ganse gemeente dergenen, die uit de gevangenis waren wedergekomen, maakten loofhutten, en woonden in die loofhutten; want de kinderen Israëls hadden alzo niet gedaan sinds de dagen van Yehoshua, den zoon van Nun, tot op dezen dag toe; en er was zeer grote blijdschap. 19 En men las in het wetboek Gods dag bij dag, van den eersten dag tot den laatsten dag. En zij hielden het feest zeven dagen, en op den achtsten dag den verbodsdag, naar het recht.
Als de gebruiken van het Pesach- en Loofhuttenfeest sinds de tijd van Yehoshua en Shmuel niet meer zijn doorgegeven en dus ook niet zijn uitgevoerd, kunnen we concluderen dat de traditionele gebruiken van het Pesach- en Loofhuttenfeest NIET door Moshe zijn ingesteld. Zou de rest van de Mondelinge Thora dan wel sinds de dagen van Yehoshua en Shmuel zijn doorgegeven? Als Moshe niet de traditionele gebruiken van het Pesach- en Loofhuttenfeest heeft opgetekend, hoe zou hij dan de Mondelinge Thora geschreven kunnen hebben?
Naar mijns inziens is het volstrekt onmogelijk te stellen dat Moshe de Mondelinge Thora zou hebben geschreven of heeft doorgegeven. De vraag blijft dan wie de Mondelinge Thora wél heeft geschreven. Één ding is zeker: Moshe in ieder geval niet. En als Yeshua een profeet is zoals Moshe, zou Hij het dan wel gedaan hebben?